Appelflappen
Samen bakken bij Reigersdaal: appelflappen uit de oven
Ik ben vrijwilliger bij Reigersdaal en ga regelmatig met één van de cliënten samen koken of bakken. Dat zijn momenten waar ik zelf ook altijd naar uitkijk. Samen iets maken, stap voor stap, met ruimte voor een praatje tussendoor en natuurlijk het plezier van iets lekkers dat uit de oven komt. Deze keer kozen we voor appelflappen — een klassieker die bijna iedereen kent en waardeert.
Zodra de appels worden geschild en de kaneel tevoorschijn komt, verandert de keuken. De geur doet meteen iets met je. Appelflappen zijn eenvoudig, herkenbaar en geven snel een gevoel van succes. Terwijl het bladerdeeg goudbruin bakt, groeit de voorpret vanzelf.
Wat maakt een appelflap zo lekker?
Een appelflap bestaat uit krokant bladerdeeg, gevuld met stukjes appel, suiker en kaneel. Tijdens het bakken worden de appels zacht en sappig, terwijl het deeg knapperig en luchtig wordt. Het is precies die combinatie die een appelflap zo vertrouwd en troostrijk maakt. Even laten afkoelen, een kop koffie of thee erbij, en het moment is compleet.
Appelflap of appelbeignet?
Appelflappen en appelbeignets worden vaak door elkaar gehaald, maar het zijn echt twee verschillende lekkernijen.
Een appelflap wordt gemaakt van bladerdeeg dat om een appelvulling wordt gevouwen en in de oven wordt gebakken.
Een appelbeignet wordt gemaakt van schijfjes appel die door een beslag gaan en daarna worden gefrituurd in olie. Dat geeft een heel andere structuur en smaak: zachter en voller. Appelbeignets horen voor veel mensen bij oud en nieuw, terwijl appelflappen het hele jaar door op tafel kunnen.
Kleine handelingen, groot plezier
Wat ik zo mooi vind aan samen appelflappen maken, is dat het draait om eenvoudige handelingen: appels snijden, deeg dichtvouwen, een beetje kaneelsuiker strooien. Het zijn overzichtelijke stappen die rust geven en ruimte laten voor contact. En het eindresultaat? Iets waar je samen trots op bent.
Zo’n bakmoment bij Reigersdaal laat elke keer weer zien hoe krachtig samen koken kan zijn. Soms zit het geluk gewoon in een warme appelflap, vers uit de oven 🍎🥐
Niveau: Eenvoudig
Land van herkomst: Nederland
Gang: Fingerfood
Hoeveelheid: 6 stuks
Tijd: 50 minuten
Ingrediënten:
- 6 plakjes bladerdeeg
- 1 grote of 2 kleine appels (bijv. jonagold)
- 2–3 el suiker
- 1–2 tl kaneel
- 1 ei, losgeklopt (om te bestrijken)
- extra kaneelsuiker (voor bovenop)
Voorbereiden:
- Haal het bladerdeeg op tijd uit de vriezer zodat het kan ontdooien.
- Verwarm de oven voor op 200 °C (hete lucht: 180 °C).
- Bekleed een bakplaat met bakpapier.
Appels schillen en snijden:
- Schil de appel(s) en verwijder het klokhuis.
- Snijd de appel in kleine blokjes.
Appelvulling maken:
- Doe de appelblokjes in een kom.
- Voeg de suiker en de kaneel toe en meng alles goed door elkaar.
Bladerdeeg vullen:
- Leg een plakje bladerdeeg op het werkblad.
- Schep een eetlepel appelvulling op één helft van het deeg. Houd de rand vrij.
Dichtvouwen:
- Klap het bladerdeeg diagonaal dicht tot een driehoek.
- Druk de randen voorzichtig aan met een vork.
- Herhaal dit met alle plakjes bladerdeeg.
Bestrijken en bestrooien
- Bestrijk de bovenkant van de appelflappen met het losgeklopte ei en strooi er een beetje kaneelsuiker overheen.
Bakken:
- Leg de appelflappen op de bakplaat.
Bak ze in het midden van de oven in 20–25 minuten goudbruin en knapperig.
Even laten afkoelen:
- Haal de appelflappen uit de oven.
- Laat ze een paar minuten afkoelen voordat je ze eet.
Tips:
- Bladerdeeg wordt na het afbakken vrij snel zacht. Wil je een appelflap de volgende dag weer knapperig maken, warm hem dan kort op in de oven of airfryer. Verwarm de oven voor op 200 °C (boven- en onderwarmte) en bak de appelflap ongeveer 5 minuten.
Bewaren:
- Goed verpakt kun je appelflappen tot twee dagen buiten de koelkast bewaren.
Wil je ze liever invriezen, verpak de appelflappen dan luchtdicht. In de vriezer blijven ze ongeveer 3 maanden goed.
Appelflappen, warmte uit de oven en iets lekkers in het kopje
Wanneer de appelflappen goudbruin uit de oven komen, is het moment daar om aan tafel te gaan. En dan hoort er natuurlijk ook iets lekkers bij om te drinken.
Thee: vertrouwd en rustig
Thee is eigenlijk altijd een goede keuze. Het is warm, herkenbaar en geeft een rustig moment om samen te zitten en te genieten. Zwarte thee of rooibos doet het vrijwel altijd goed, maar ook een appel- of kaneelthee sluit mooi aan bij de smaken van de appelflap. Het fijne aan thee is dat iedereen zijn eigen tempo kan aanhouden, met het kopje tussen de handen.
Warme appelsap: eenvoudig en feestelijk
Wat ook heel goed past bij appelflappen is warme appelsap. Door appelsap zachtjes te verwarmen — zonder te koken — en eventueel een klein snufje kaneel toe te voegen, ontstaat er een drank die vertrouwd is, maar toch iets bijzonders heeft. De geur alleen al versterkt het bakmoment en sluit perfect aan bij de smaken uit de oven.
Voor veel cliënten voelt warme appelsap feestelijk, zonder ingewikkeld te zijn. Het is zo’n drankje dat uitnodigt om even stil te staan en te genieten.
Samen genieten van het moment
Of je nu kiest voor thee, warme appelsap of een combinatie van beide: het gaat uiteindelijk om het samenzijn. Samen bakken, samen aan tafel en samen genieten van iets dat met aandacht is gemaakt. Een warme appelflap op een bordje, een dampend kopje erbij — soms is dat alles wat nodig is voor een geslaagd moment.
Bij Reigersdaal zie ik telkens weer hoe krachtig die eenvoud kan zijn 🍎☕






